Waar stof binnenkomt
Stof komt zelden door het glas; het komt door de kieren. De grootste boosdoeners zijn de spleet tussen twee schuifdeuren, de naad tussen deur en kastrand, en de openingen aan de achterzijde waar de achterwand niet volledig aansluit. Ook de gaatjes voor plankdragers laten lucht en stof door als de kast van achteren niet dicht is. Wie er met een zaklamp langsgaat in een donkere kamer, ziet meteen waar het licht doorheen valt, en daar komt ook het stof binnen.
Borstelstrip en rubber
Voor schuifdeuren is een zelfklevende borstelstrip in de sponning de eenvoudigste verbetering: die laat de deur nog soepel lopen maar sluit de kier grotendeels af. Bij draaideuren werkt een dun zelfklevend rubberprofiel beter, van het type dat ook voor tochtwering wordt gebruikt. Neem een profiel dat net iets dunner is dan de kier, anders sluit de deur niet meer of trekt het scharnier krom. Vervang de strip als hij hard wordt; rubber veroudert en verliest zijn veerkracht.
De achterkant is vaak het lek
Bij veel fabriekskasten is de achterwand een dunne plaat die met spijkertjes in een sponning zit. Na een verhuizing of een paar jaar staan zit die zelden nog strak. Een streep acrylaatkit rondom de achterwand aan de binnenkant maakt daar in tien minuten een einde aan, en dat is doorgaans de grootste winst die u kunt boeken. Werkt u met een antieke kast, gebruik dan geen kit maar dun vilt of papier, zodat de ingreep omkeerbaar blijft.
Niet luchtdicht maken
Een volledig luchtdichte kast klinkt ideaal maar is dat niet. Zonder enige luchtwisseling hoopt vocht zich op en kunnen dampen uit lijm, verf en kunststof zich concentreren; bij metalen voorwerpen leidt dat tot aanslag en bij kunststof tot plakkerige oppervlakken. Een kast die het grofste stof buiten houdt en verder gewoon meeademt met de kamer, is voor huisgebruik vrijwel altijd beter dan een luchtdichte constructie.
Hoeveel scheelt het echt?
Een redelijk afgedichte gesloten vitrine houdt het overgrote deel van het stof buiten. In de praktijk betekent dat: één keer per jaar de inhoud afnemen in plaats van elke maand. Dat verschil is groter dan het lijkt, want elke schoonmaakbeurt is ook een moment waarop er iets omvalt of beschadigt. Minder vaak hoeven poetsen is daarmee niet alleen gemak, maar ook een vorm van bescherming.



