Van boven, van opzij of van achter
Licht van bovenaf is de gebruikelijke keuze en laat de bovenkant van de voorwerpen goed uitkomen, maar geeft schaduw onder uitstekende delen. Licht van opzij, met stripjes tegen de zijwanden, geeft meer reliëf en werkt goed bij beelden en modellen. Verlichting achter een matglazen achterwand geeft een egale gloed waarin de silhouetten scherp afsteken, mooi bij glaswerk. In de praktijk combineren veel verzamelaars boven- en zijlicht: dat haalt het meeste uit een kast zonder dat één richting gaat overheersen.
Kleurtemperatuur
Warm licht van rond 2700 kelvin geeft een huiselijke, gelige gloed die goed werkt bij hout, brons, koper en oud speelgoed. Neutraal wit rond 4000 kelvin toont kleuren zoals ze werkelijk zijn en is de betere keuze bij modellen, kaarten en modern kunststof. Koud licht boven 5000 kelvin oogt klinisch en maakt warme kleuren vaal; in huis wordt dat zelden mooi gevonden. Twijfelt u, neem dan een strip met instelbare kleurtemperatuur en probeer het uit met de kast gevuld.
Kleurweergave is belangrijker dan sterkte
Een cijfer dat op de verpakking staat maar zelden wordt gelezen, is de kleurweergave-index, afgekort CRI of Ra. Bij een waarde onder 80 zien rode en bruine tinten er dof en modderig uit. Voor een vitrine loont het om een strip met Ra 90 of hoger te kiezen; het verschil bij een verzameling met veel kleur is meteen zichtbaar. Lichtsterkte mag juist bescheiden blijven: een te fel verlichte kast oogt als een etalage en vermoeit het oog.
Spiegeling voorkomen
De klassieke fout is een lichtbron die recht in het glas schijnt, zodat u vooral de lamp terugziet. Plaats de strip daarom achter een lijst of een randje, zodat de bron zelf uit het zicht blijft en alleen het licht naar binnen valt. Een matte diffuser over de strip haalt de puntjes weg en geeft een gelijkmatige band. Kijk na het monteren vanaf de plek waar u meestal staat, en niet alleen recht van voren.
Warmte en bedrading
Ledverlichting wordt niet heet zoals halogeen, maar de driver of trafo wel. Plaats die buiten de kast of in een geventileerd deel, nooit ingebouwd tussen textiel of papier. Werk met een strip op 12 of 24 volt zodat er geen netspanning in de kast komt, en leid de kabel door een gaatje in de achterwand met een rubberen doorvoertule. Een schakelaar of tijdschakelaar erbij scheelt branduren en dus verkleuring.



